een on-line geschiedenisles van Ruud Vermeer

|
In de twaalfde eeuw wordt Scheveningen voor het eerst in een
officieel stuk genoemd. Het is nooit een zelfstandig dorp geweest. Er had vanaf
het begin van de dertiende eeuw een schepen (een soort wethouder) van
Scheveningen zitting in de Haagse Raad.
|
1. Van wanneer tot wanneer duurde de twaalfde eeuw ook alweer? | |
| Lange tijd was het een klein dorp dat volledig afhankelijk
was van de visserij. In de zestiende eeuw was er Adriaen Coenen die enige
bekendheid verwierf door zijn 'Visboecken', waarin hij voor zijn tijd
belangrijke natuurwetenschappelijke informatie verzamelde.
|
2. Zoek op een kaart van Den Haag de Adriaan Coenenstraat eens op. Noem twee straten die deze straat kruist. | |
![]() |
||
| 3. Op dit kaartje staat een kerk. Aan het eind van welke straat ligt die kerk? | ||
|
|
||
| Het was geen groot dorp. In 1543 stonden er 250 huizen. Een
aantal dat in 1562 was aangegroeid tot 344. De stormramp van 1570,
'Allerheiligenvloed' genoemd, vernietigde honderd van die huizen. Over het
aantal mensen dat er woonde weten we pas wat in 1680. Dan worden er ongeveer
1000 geteld.
|
4. Probeer er eens achter te komen wanneer het Allerheiligen is. | |
| Scheveningen behoorde, net als Katwijk, Noordwijk, Zandvoort
en Egmond, tot 'de dorpen van de Zijde'. Hier mocht de gevangen haring niet
gekaakt worden. Dat kaken was voorbehouden aan de steden aan de Maas.
|
5. Aan welke zee grenzen de 'Dorpen van de Zijde'? | |
| De gevangen vis werd door Scheveningse vrouwen met de manden
vis op het hoofd door de duinen over het 'Westerpad' naar Den Haag gebracht. Ook
visverkopers die met karren en paarden kwamen moeten die weg hebben gevolgd. In
Den Haag werd de vis op straat verhandeld. In 1665 kwam er een nieuwe
belangrijke verbindingsweg tussen Den Haag en Scheveningen, de Zeestraet (nu de
Scheveningse Weg).
|
6. Zijn er nu nog landen waar vrouwen met koopwaar op hun hoofd naar de markt gaan? | |
| Er gebeurt weinig schokkends in het dorp. Of het moest de Spaanse bezetting zijn in de periode dat Leiden belegerd wordt in 1573. In 1576 is er sprake van een kleine aardbeving. Het dagelijks leven wordt beheerst door de visserij. | 7. Tijdens welke oorlog zal die Spaanse bezetting hebben plaatsgevonden? | |
|
||
| In 1795 vlucht stadhouder Willem V vanaf het strand naar
Engeland. Franse soldaten worden er gelegerd. Er komt een seinpost ten behoeve
van de kustverdediging. De plaats waar deze post stond heet nu nog Seinpostduin.
Op 24 oktober 1811 komt Napoleon zelf een kijkje nemen op het strand. De
belangrijkste straat van Scheveningen heet dan al Keizerstraat. Hij is
waarschijnlijk 'vernoemd' naar Karel V, die in de zestiende eeuw keizer van het
Duitse Rijk was. Nederland hoorde toen bij dat Duitse Rijk.
|
8. Wanneer was stadhouder Willem V de baas in Nederland? | |
| 9. Wie was Napoleon? | ||
| 10.Wanneer leefde Karel V? | ||
| Op 30 november 1813 komt de zoon van Willem V, de latere koning Willem I, in Scheveningen aan. Eén van de mannen die hem van harte verwelkomt is Jacob Pronk. Deze Jacob Pronk krijgt in 1818 toestemming om een badhuis te bouwen. Baden in zee is een gezondheidsrage aan het worden in West-Europa. | 1. Probeer er eens achter te komen of er in Scheveningen iets te vinden is over het punt waar Willem I is geland. | |
| Het baden in zee wordt voor de genezing van allerlei kwalen
aangeraden. Zelfs het drinken ervan wordt aanbevolen. Om de buitenlandse
bezoekers niet af te schrikken wordt prompt het jaar erna een maatregel van
kracht die het de Scheveningse jeugd verbiedt naakt te zwemmen.
|
12. Zou het drinken van zeewater echt gezond zijn geweest? | |
| Langzaam maar zeker begint het dorp te groeien. In 1815 telt
het 2000 inwoners, tien jaar daarna is dat aantal verdubbeld. Het gaat zo goed
met het badhuis dat de gemeente het in 1824 van Jacob Pronk overneemt.
|
||
| In datzelfde jaar begint het getouwtrek om een haven. De
Scheveningse vissersschepen, platbodemschuiten die 'bommen' worden genoemd,
worden na de reis op het strand getrokken, ter hoogte van de Keizerstraat. Bij
elke storm is er schade aan de vloot.
|
13. In dit verhaal staat ook wanneer Scheveningen daadwerkelijk een haven kreeg. Hoeveel jaar heeft het uiteindelijk geduurd? | |
| Er is de gemeente veel aan gelegen om de route naar de
badplaats te verbeteren. De Scheveningse Weg krijgt een aparte verbinding met de
badplaats, de Nieuwe Straatweg (nu Badhuisstraat geheten). Daarna komt er een
nieuwe aparte rechtstreekse verbinding van Den Haag naar het badhuis, de
Badhuisweg. Scheveningen krijgt een eigen renbaan. In 1846 wordt er de eerste
wedstrijd gereden. Deze renbaan wordt overigens al in 1854 weer afgebroken.
Later worden hier de huizen van het 'Renbaankwartier' gebouwd.
|
14. Kijk eens of je op een kaart van Den Haag kan vinden welke zijstraten deze Badhuisstraat tegenwoordig heeft. | |
| 15. Wat is een 'renbaan' ? | ||
| Ondertussen gaat het steeds beter met de visserij. In 1857
wordt het verbod op het 'kaken' opgeheven. Andere vernieuwingen en betere
schepen doen de roep om een haven weer toenemen. De gemeente Den Haag houdt dat
nog echter altijd tegen.
|
16. Kijk eens of je kunt vinden wat dat 'kaken' nu precies in hield. | |
| Scheveningen bestond aan het eind van de negentiende eeuw uit
de Keizerstraat, met ten zuiden daarvan de Weststraat en Torenstraat (later
Pronkstraat, nog later Jacob Pronkstraat genoemd). Aan de noordkant was er het
Weigat (later Waaigat, aan de Werfstraat), Kerkstraat en Korendijk. Daar tussen
liepen het Molenaarsslop, Smidslop, Nieuwe Laantjes, het Slop van Marcelis en
het Molenslop.
|
17. Zou je deze plaatsen/straten nu nog kunnen vinden in Scheveningen? | |
| Het belangrijkste middel van bestaan was de visserij. Naast
het werk op de vissersschepen zelf, werkte men op de visafslag, in de
visverwerking en in de vishandel. Daarnaast werden er manden, netten, zeilen en
tonnen gemaakt. Niet alleen de mannen werkten, ook vrouwen en kinderen werden
ingeschakeld. Eén van de problemen was dat men de jeugd niet naar school toe
kreeg, omdat ze van jongs af aan aan het werk moesten.
|
18. Waarom zouden ook vrouwen en kinderen moeten werken? | |
| Visserschepen werden 'pinken' en 'bommen' genoemd. Ze werden
meestal vlakbij het strand gebouwd. Dat maakte het makkelijker om ze in zee te
krijgen. De schepen moesten door mensen- of paardenkracht in en uit het water
getrokken worden.
|
19. Er is in Scheveningen nog een Schuitenweg. In welke andere Straat (genoemd naar een plaats) komt die straat uit? | |
| In 1894 is er een verschrikkelijke storm die een groot deel
van de op het strand liggende vissersvloot vernielt. De roep om een haven wordt
sterker. Toch duurt het getouwtrek nog tien jaar voordat er eindelijk een haven
komt.
|
||
| In het dorp was er een duidelijke sociaal verschil tussen de
reders, de eigenaars van de schepen, en de vissers. De vissers (kapiteins,
stuurlieden en matrozen) woonden in het oude dorp, ten noorden of ten zuiden van
de Keizerstraat of in de later gebouwde huizen in het Renbaankwartier. De reders, vishandelaren en andere ondernemers woonden in herenhuizen, bijvoorbeeld aan de Stevinstraat, waar in 1892 de eerste huizen werden gebouwd.
|
20. Kijk eens in het telefoonboek of je tegenwoordig nog reders hebt in Scheveningen. | |
| Een onderzoek naar de woonomstandigheden in het oude dorp
maakte duidelijk dat van de ruim 3000 onderzochte huisjes de meeste ondeugdelijk
waren. 1727 huisjes hadden slechts één vertrek. De overige hadden er twee,
hooguit drie. Er waren kamertjes bij van nog geen zes vierkante meter. Veel
huizen waren lager dan tweeënhalve meter. Ruim één derde had een eigen wc,
maar één wc voor zeven huizen (of ongeveer 40 personen) was geen uitzondering. In 1866 was er een zware cholera-epidemie. Vier procent van de Scheveningse bevolking sterft.
|
21. Bij geschiedenis heb je het gehad over een periode waarin arbeiders het heel slecht hadden. Hoe heette die periode ook al weer? | |
|
||
| Pas in 1917 wordt er actie ondernomen. Het grootste deel van
het oude dorp gaat tegen de vlakte en er komt nieuwbouw voor in de plaats.
Scheveningen verandert totaal van aangezicht. Voor de aanleg van de Jurriaan
Kokstraat bijvoorbeeld worden 184 woningen, 26 bedrijven en een school
afgebroken. Het dorp heeft dan al meer dan 44.000 inwoners.
|
22. In 1917 woedde er een grote oorlog. Hoe heette die oorlog? | |
| Scheveningen is dan al verder veranderd door de uitbreiding van de badplaats, de bouw van een nieuwe wijk, het Van Stolkpark, de komst de stoomtrams, de bouw van het Kurhaus en de nieuwe wandelpier. Ook als reactie op de storm van 1894 wordt in 1902 begonnen met de aanleg van een boulevard. |
23. Uit welke taal komt het woord Kurhaus eigenlijk? |
|
|
Voor iemand die rond 1935 naar Scheveningen toe kwam, was er
nog een duidelijke scheiding tussen de badplaats en de vissersplaats. Het
gedeelte rond het Kurhaus was bedoeld voor de rijkere badgasten, mensen die het
zich konden veroorloven om op vakantie te gaan. Zij gingen alleen naar het
vissersdorp om te kijken naar de mensen die, nog in klederdracht gaand, bezig
waren om hun brood te verdienen.
|
||
| Er is in de Tweede Wereldoorlog veel kapot gemaakt in zowel
Den Haag als Scheveningen. In mei 1941 wordt het de joden verboden om op het
strand te komen. Een jaar later mag er niemand meer op het strand komen. Alleen
vissers krijgen een ontheffing. Een deel van het dorp wordt ontruimd ten behoeve
van de kustverdediging. In totaal worden er uit Scheveningen en Den Haag 100.000
mensen geëvacueerd. Veel Scheveningers komen in Oost-Nederland terecht. In
maart 1943 brandt de wandelpier af.
|
24. Waarom zouden er geen mensen meer op het strand mogen komen? | |
| 25. Wat is 'geëvacueerd'? | ||
![]() |
||
| Ook na de oorlog is er veel verloren gegaan aan oude
gebouwen. Na de opbouw van de jaren vijftig en zestig, wordt er met name in de
jaren zeventig veel gesloopt. Niet iedereen is enthousiast over de uitbreiding
van de badplaats. Het toerisme kent ook negatieve kanten. Er is in de zomer
steeds meer overlast van parkerende auto's en vervuiling.
|
26. Waar zou die vervuiling het grootst zijn, denk je? | |
| Daarbij is er de steeds verder teruglopende opbrengst van de
visserij. Enerzijds is er de overbevissing van de zee, anderzijds zijn er de
regels vanuit de Europese Gemeenschap die maken dat men maar een beperkte
hoeveelheid vis kan vangen in een bepaalde tijd.
|
27. Wat betekent 'overbevissing'? | |
| In Scheveningen is men niet bepaald tevreden hoe het dorp
vanuit Den Haag wordt bestuurd. Eens in de zoveel tijd gaan er stemmen op om
Scheveningen los te maken van Den Haag.
|
||
Een kaart van Scheveningen van rond 1925
|
||
© Ruud Vermeer (Johan de Witcollege, Den Haag) 2000 |
||