![]() |
De Eerste Wereldoorlog |
| ©
Ruud Vermeer
|
Hoofdstuk 3: De AanleidingOp 28 juni 1914 werd in Serajevo, de hoofdstad van Bosnië, de aartshertog Franz-Ferdinand vermoord. Hij was de neef van de keizer van Oostenrijk-Hongarije en diens troonsopvolger. Bosnië werd als gebied opgeëist door Servische nationalisten. Zij organiseerden de aanslag. Franz-Ferdinand werd doodgeschoten met een pistool door een student: Gravilo Princip.
Deze moordaanslag bracht uiteindelijk het hele mechanisme van bondgenootschappen op gang. Oostenrijk-Hongarije stuurde een ultimatum aan Servië. Het wilde ogenschijnlijk de moordaanslag tot de bodem toe uitzoeken, maar in feite zag het zijn kans schoon om Servië de oorlog te verklaren. Maar Servië werd gesteund door Rusland. Duitsland op zijn beurt steunde Oostenrijk-Hongarije. Al met al duurde het nog een maand voordat de oorlog uitbrak. Op 28 juli 1914 verklaarde Oostenrijk-Hongarije Servië de oorlog. Twee dagen later begonnen de Russen met de mobilisatie van hun leger. Op 1 augustus verklaarde Duitsland de oorlog aan Rusland en begon het met de uitvoering van het Von Schlieffenplan. Op 3 augustus verklaarde het daarom ook de oorlog aan Frankrijk, om een dag later al België binnen te vallen. Dat was op zijn beurt voor Engeland de reden om Duitsland de oorlog te verklaren.
|