![]() |
De Eerste Wereldoorlog |
| ©
Ruud Vermeer
|
Hoofdstuk 7: De Oorlog ter Zee
De invloed van de vloten op het verloop van de Eerste Wereldoorlog was vanaf het begin duidelijk te merken. De Engelse vloot bleek oppermachtig en begon met een blokkade van Duitsland. Algauw konden de Duitsers alleen nog maar iets kopen via de neutrale landen (Nederland, Denemarken, Noorwegen en Zweden). Ondanks het feit dat één van oorzaken van de oorlog de Duitse vlootbouw was geweest, bleek de Duitse vloot geen partij voor de Engelsen. Aan het begin van de oorlog zwierf een Duits eskader oorlogsschepen over de Stille Oceaan. Na een aanvankelijk succes voor de kust van Chili, werd het eskader echter door de Engelsen verslagen bij de Falklandeilanden in december 1914. Andere individuele oorlogsschepen werden overal opgejaagd en tenslotte uitgeschakeld.
Verder was er gedurende de hele oorlog maar één grote zeeslag, in 1916, bij Jutland, die onbeslist eindigde. Daarna kwam de Duitse vloot de havens niet meer uit. Veel belangrijker was de zogenaamde duikbootoorlog. De Duitse onderzeëers, of U-boten, brachten veel meer schade toe dan de Duitse oppervlakteschepen. In 1915 werden er steeds meer koopvaardijschepen tot zinken gebracht. Daaronder was op 7 mei de Lusitania met 1.000 mensen aan boord, waaronder 150 Amerikanen. Het zorgde ervoor dat de mening van de mensen in de Verenigde Staten zich steeds meer tegen Duitsland ging keren.
Binnen de Duitse regering was er voortdurend onenigheid tussen voor- en tegenstanders van een onbeperkte duikbootoorlog. Zo'n onbeperkte duikbootoorlog zou volgens de voorstanders betekenen dat Engeland uiteindelijk niet meer overzee bevoorraad kon worden. De tegenstanders waren bang dat zo'n oorlog de Verenigde Staten aan de kant van de geallieerden zouden brengen. Toch kondigden de Duitsers op 1 april 1917 de onbeperkte duikbootoorlog af. En inderdaad bleek dat één van de belangrijkste redenen te zijn waardoor de Amerikanen tenslotte aan de oorlog gingen meedoen. Toch deed de duikbootoorlog de geallieerden veel kwaad. Men verloor er bijna de oorlog door. De bevoorrading van de legers in Frankrijk werd erdoor bedreigd. Een eenvoudig idee bleek echter voldoende om de kansen te doen keren. Men besloot de schepen niet meer alleen te laten varen, maar in konvooi, in groepen dus, onder begeleiding van oorlogsschepen. Daardoor liepen de verliezen snel terug.
|